Blog

Start-ups tegen food waste

Food waste blijft een groot probleem, zeker onder verse producten. Ruim 30% van alle groente en fruit belandt in de GFT bak. Daar moet iets tegen gedaan worden, vonden ook deze start-ups tegen food waste:

Een sticker tegen Food waste

Kan een eenvoudige sticker groente en fruit langer houdbaar maken? Ja, zo claimt start-up Stixfresh. “STIXFRESH is eenvoudig: plak StixFresh-stickers gemakkelijk op appels, peren, avocado’s, kiwi’s, mango’s, sinaasappels en andere citrusvruchten om ze stevig, zoet en sappig te houden” aldus het kersverse bedrijf uit Kirkland, VS. Ze claimen een langere houdbaarheid van wel 2 weken. Door gebruik van  alleen natuurlijke ingrediënten, zonder chemicaliën. Om hun bedrijf verder van de grond te krijgen starten ze binnenkort een crowd funding.

Of liever een poeder?

Apeel sciences doet het met een poeder. Het eetbare poeder wordt gemengd met water om een coating te creëren. Als basis voor de poeder gebruikt Apeel delen van planten die op boerderijen achterblijven, zoals tomatenschillen, zaden en pulp. Daaruit haalt Apeel bepaalde lipiden. Door deze vervolgens in specifieke verhoudingen te mengen afhankelijk van het product, wordt voor elk type groente en fruit de ideale beschermende barrière gecreëerd. Zelfs zacht fruit als frambozen en aardbeien kan ermee gecoat worden. De coating verdubbelt te houdbaarheid van de producten, aldus Apeel.

Een sachet kan ook

Ook Hazel technologies pakt voedselverspilling aan door de houdbaarheid van producten te verlengen. Het bedrijf maakt inlegzakjes met 1-MCP-technologie. Deze kun je tijdens de oogst in de dozen met bulkproducten leggen. De sachets van 3,5 cm zijn biologisch afbreekbaar. Door de stoffen in de sachets wordt de stofwisseling van de producten verminderd en de weerstand tegen het plantenhormoon ethyleen verhoogd. Dit vertraagt ​​de rijping en afbraak van de producten, waardoor de houdbaarheid van groenten en fruit wordt verlengd.

Mooie initiatieven die onze food waste weer een stukje kunnen laten dalen!

NB: Zelf iets doen tegen food waste? Zie mijn eerdere blog met 10 tips voor uw bedrijf.

Paddenstoelen: duurzaam en veelzijdig

Duurzaam en veelzijdig

Paddenstoelen zijn lekker en op vele manieren te gebruiken in de keuken. In alle wereldkeukens wordt er gebruik gemaakt van verschillende soorten paddenstoelen. Daarnaast bevatten ze veel eiwitten en mineralen. Ze worden dan ook al veel ingezet in de levensmiddelenindustrie voor vleesloze producten. Vega-bitterballen en kroketten, champignonburgers, en zo kunnen we wel even doorgaan.

Omdat ze snel groeien en niet veel meer nodig hebben dan vocht en afval, zijn ze ook zeer duurzaam. Ze worden dan ook  niet voor niets genoemd als 1 van de categorieën in de 50 future foods.

Blend-it

Champignons zijn ook geschikt als gedeeltelijke vervanger van vlees: vervang een deel van je burger door champignons en je krijgt een heerlijke burger. De textuur en typische vleessmaak blijft zo behouden, terwijl de paddenstoelen een extra dimensie toevoegen aan de umami beleving en voor minder vleesconsumptie zorgen. Win-win!

Verpakkingsmateriaal

Paddenstoelen als vleesvervanger kenden we al, maar als verpakkingsmateriaal?

Ja, dat kan! Ecovative maakt er een biobased ‘piepschuim’ van. Ze gebruiken mycelium, de vertakte schimmeldraden van paddenstoelen, als bindmiddel. Dit voegt het bedrijf toe aan landbouwafval. Het mycelium hecht dit afval, zoals maïsstengels en kaf, aan elkaar. Het resultaat is een biologisch afbreekbaar materiaal. Volgens Ecovative breekt het materiaal in een tuin binnen enkele weken biologisch af. Door het materiaal in mallen te laten groeien kan het alle vormen aannemen.

Umami

Gedroogde paddenstoelen hebben een sterke umami smaak. Deze kan ingezet worden als smaakversterker en als (gedeeltelijke) zoutvervanger. Scelta mushrooms claimt dat 25-50% zoutreductie mogelijk is met hun smaakversterker op basis van champignons.

Paddenstoelen als opruimers

Paddenstoelen zijn de opruimers in de natuur. De ruimen alle natuurlijke afval op. Maar ook niet-natuurlijk afval als plastic en olie blijken ze te kunnen opruimen: De plastic-etende paddenstoel is in 2017 ontdekt in een Pakistaanse stortplaats. De onderzoekers ontdekten dat de desbetreffende schimmel geschikt is voor het afbreken van plastic, waaronder polyesterpolyurethaan. De oplossing voor het plastic probleem?

Helpen voorkomen van hongersnood

Voedzame paddenstoelen kunnen snel worden geteeld in vluchtelingenkampen met zeer eenvoudige middelen.

Biobrandstof

Bepaalde paddenstoelen kunnen worden omgezet in biodiesel. Omdat paddenstoelen groeien op afval hoeft dit niet ten koste te gaan van de voedselvoorziening.

Leer

Minder interessant voor de food industrie, maar toch een leuk weetje: van paddenstoelen wordt ook leer gemaakt. Handtassen schoenen, riemen en portemonnees: ze zijn allemaal verkrijgbaar van dit duurzame materiaal.

Kortom een zeer veelzijdig product! Wat gaat u doen met de paddenstoel?

Eerste resultaten IMVO convenant Voedingsmiddelen

Eerste monitoring IMVO convenant gereed

Vorig jaar juli is het IMVO convenant Voedingsmiddelen ondertekend door het FNLI, het CBL en de KNSV. Doel is dat al hun leden, direct of indirect aangesloten, binnen de looptijd van het convenant tot adequaat IMVO-risicomanagement oftewel due diligence komen.  Dit om uiteindelijk de hele voedselketen duurzamer en eerlijker te maken.

De eerste monitoring heeft plaatsgevonden: Via een self-assessment is de voortgang in kaart gebracht en weergegeven in een rapport.

IMVO Stappenplan

De FNLI heeft een stappenplan voor haar leden ontwikkeld om IMVO-risicomanagement te implementeren en enkele workshops hierover  opgezet voor branches/sectoren waarbij bedrijven uit dezelfde sector in discussie gaan over mogelijke risico’s die ze tegenkomen in de keten en hoe ze die risico’s gezamenlijk kunnen aanpakken.

34 bedrijven

47% van de kleinere levensmiddelenbedrijven heeft een IMVO beleid, tegen 77% van de grote bedrijven, zo bericht het FNLI. 29% heeft daarbij de risico’s in de keten in kaart gebracht. Voor een eerste jaar niet verkeerd: veel bedrijven zijn aan de slag gegaan, vooral met inventariseren van de keten. De volgende stap is daadwerkelijk actie ondernemen om de keten te verbeteren.

Als je iets dieper kijkt, zie je echter dat slechts 34 bedrijven de monitoringstool hebben ingevuld. Ik kan niet achterhalen of er bewust een steekproef is genomen of dat slechts 34 bedrijven de tool hebben gebruikt en ingevuld. Als dat zo is, is er nog veel te doen!

Te klein voor invloed? Samenwerken!

“If you think you are too small to make a difference, try sleeping with a mosquito in the room.”

Voor kleinere bedrijven is het lastig met IMVO aan de slag te gaan, ze denken een te kleine speler in de keten te zijn om invloed te hebben. Samenwerking met leveranciers en andere bedrijven is dan de volgende stap.

Meer tips over de aanpak van IMVO vindt u in mijn blog die ik hier eerder over schreef. Samen met andere bedrijven sparren en duidelijke handvatten hoe verder te gaan met IMVO/ Due dilligence? Volg dan mijn workshop IMVO.

 

 

Verbod Wegwerpplastic: wat betekent dat voor u?

Verbod Wegwerpplastic: ook een thema voor úw bedrijf

“Dat verbod op wegwerpplastic, dat gaat toch over plastic bestek en bordjes? Dat is meer iets voor de cafetaria’s”, zou u kunnen denken. Onder andere ja, maar u krijgt er ook mee te maken! Hieronder leg ik uit waarom en waar u zoal aan moet denken.

Er valt namelijk meer onder, en ook de levensmiddelenindustrie verpakt wegwerpplastic mee in zijn producten. Bovendien zijn er meer maatregelen aangekondigd waar u rekening mee dient te houden.

Wat betekent het verbod voor u?

Lees “Verbod Wegwerpplastic: wat betekent dat voor u?” verder

Voedselverspilling: hot topic, nog te weinig resultaat. Wat kunt u doen? 10 tips.

Doel: 50% reductie

Hoewel er veel publiciteit is rondom voedselverspilling is er nog maar weinig resultaat: tussen 2010 en 2016 was er een lichte daling te zien, deze was echter niet significant. Datzelfde geldt voor 2017. En dat terwijl de ambities hoog zijn: Nederland heeft zich in lijn met de Verenigde Naties als doel gesteld om per 2030 een reductie van  50 procent te realiseren.

8% van de CO2-emissies

Nog even de cijfers:

  • Er wordt in Nederland per jaar ongeveer 2 miljard kilo voedsel wordt weggegooid. Dat komt neer op 20% van het geproduceerde voedsel, wat nooit de mond van de consument bereikt.
  • De grootste verspilling vindt plaats bij de consument (53%), maar ook binnen producerende bedrijven is er veel verspilling. Zo’n 19% van de food waste ontstaat in de verwerkende industrie.
  • Voedselverspilling is verantwoordelijk voor 8% van de CO2-emissies in de wereld. Als voedselverspilling een land was, zou het na China en Amerika de grootste uitstoter van CO2 zijn. Food waste binnen de EU is goed voor 170 miljoen ton CO2 uitstoot. Dat is ongeveer gelijk aan de totale CO2-uitstoot van Nederland.

Voorkomen food waste: Goede investering

Verspilling binnen uw bedrijf kost geld, veel geld. Uit onderzoek blijkt dat iedere euro die geïnvesteerd om binnen het bedrijf food waste tegen te gaan wordt een besparing van 14 euro oplevert, aldus het net verschenen rapport van ABN AMRO.. Investeren in het terugdringen van voedselverspilling is dus lucratief. 

“Elke euro investering levert 14 euro op”

ABN AMRO

10 tips:

Lees “Voedselverspilling: hot topic, nog te weinig resultaat. Wat kunt u doen? 10 tips.” verder

De 50 Future Foods: Wat kan ik daarmee binnen mijn bedrijf?

In samenwerking met het wereld natuurfonds en The Center of Public Health Nutrition aan de Universiteit van Washington heeft Knorr ‘The Future 50 Foods’ gepresenteerd. Een lijst van 50 plantaardige voedingsmiddelen, die de voedingswaarde van onze maaltijden kunnen verhogen terwijl tegelijkertijd het negatieve effect van de voedselproductie op de planeet drastisch wordt verminderd.
Knorr wil hiermee een bijdrage leveren aan het verminderen van de negatieve impact die het wereldwijde voedselsysteem heeft op onze planeet.

Waarom een lijst met 50 Future Foods?

Ons eetgedrag en de industrie daarachter heeft een zeer grote impact op onze planeet. Lees “De 50 Future Foods: Wat kan ik daarmee binnen mijn bedrijf?” verder

5 tips voor Week zonder Vlees op uw bedrijf

week zonder vlees op uw bedrijf

Van 11 t/m 17 maart is er weer de nationale Week zonder Vlees. Deze is gericht op consumenten, maar u kunt als bedrijf natuurlijk ook mee doen!

Het eten van vlees heeft grote impact op mens dier en milieu (zie de “Wist-u-dat….?-jes” van tip 3). Door de groeiende wereldbevolking en de stijgende welvaart is de vleesconsumptie sinds de 60-er jaren vervijfvoudigd. De Week zonder Vlees is een mooi initiatief om de mensen bewust te maken van de impact van het eten van vlees en om te wennen aan vleesloze maaltijden.

U kunt daar als bedrijf aan meewerken. Wilt u een week zonder vlees op uw bedrijf? Hier 5 tips om dit op een leuke manier in te vullen: Lees “5 tips voor Week zonder Vlees op uw bedrijf” verder

Aan de slag met IMVO risicomanagement/Due Diligence

In juni dit jaar hebben verschillende partijen uit de voedingsmiddelenbranche het IMVO convenant voor de voedingsmiddelensector getekend. Het motto van mijn bedrijf Foodimpct is ‘Foodimpct, voor een duurzamere food sector’; ik ben dan ook erg blij met dit convenant!

In het convenant is afgesproken dat bedrijven een IMVO risicomanagement uitvoeren. Het doen van IMVO-risicomanagement is een verantwoordelijkheid van ieder bedrijf. Niet alleen de koplopers of de grote bedrijven zijn aan zet, dit convenant spreekt àlle bedrijven in de voedingsmiddelenbranche aan stappen te zetten.

Dus ook u bent aan zet.

Wat houdt het in?

De afspraak is dat ieder bedrijf binnen 2 jaar (dus tm juni 2020) een risicoanalyse uitvoert op de gehele supply chain. Deze risico analyse gaat niet over risico’s voor het eigen bedrijf, maar over risico’s op mens, dier en milieu door de hele keten. Na het in kaart brengen van deze risico’s wordt een plan gemaakt deze te voorkomen dan wel te verminderen. Hierover wordt jaarlijks een verantwoording gegeven. Dit wordt ook wel due diligence genoemd. Doel is om te komen tot een continu verbeterproces op het gebied van duurzaamheid.

Hoe kan ik hier het beste mee aan de slag?

U kunt natuurlijk vanaf scratch beginnen, hiervoor zijn diverse stappenplannen te vinden op internet, bv bij de SER en bij het FNLI. Maar handiger en minder tijdrovend, vooral op langere termijn, is het om het onder te brengen in een bestaand systeem:

Bestaand MVO Beleid: Heeft u al een MVO beleid ingevoerd? Dan sluit u het IMVO risicomanagement hierop aan. Een visie op MVO heeft u dan al geformuleerd. En veel risico’s zullen bij het opstellen van het beleid al in kaart gebracht zijn. Door deze uit te breiden voor de hele supply chain en er een verbeterplan op te zetten, komt u al een heel eind.

ISO systemen: Omdat het uiteindelijk een continu verbeterproces is sluit het goed aan bij ISO systemen. Door deze uit te breiden met IMVO neemt u het vanzelf mee in uw jaarlijkse management review.

Risico’s in kaart brengen

Hoe vindt u nu die risico’s? Daar zijn verschillende manieren voor, hier wat suggesties:

– Risicochecker: op de site MVOrisicochecker.nl zijn risico’s per land en per grondstof in kaart gebracht.

– SDG’s: De Sustainable Development Goals kunnen ook gebruikt worden om risico’s in kaart te brengen: de SDG’s kunnen als leidraad gebruikt worden om te bepalen welke issues aangepakt dienen te worden.

Stakeholder analyse: Check bij b.v. NGO’s, klanten, leveranciers, brancheverenigingen en overheden welke risico’s zij zien.

Focus op leefbaar loon en food waste

Na het in kaart brengen van de risico’s is het zaak prioriteiten te stellen. Wat is het grootste dan wel meest urgente risico? Waarop heeft u het meeste impact? In het eerste jaar van het convenant wordt de focus gelegd op leefbaar loon en food waste. Dus als u hiermee te maken heeft, neem dit dan mee bij u prioritering.

Overgaan tot actie

Uiteindelijk gaat het om deze stap: actie nemen en stappen zetten. Hoe kunt u uw negatieve impact verkleinen en uw positieve impact vergroten? U stelt hiervoor doelen op en legt verantwoording af over de voortgang.

U hoeft het niet alleen te doen. Sterker nog: hoe meer samenwerking met de keten en de branche, hoe meer impact u kunt hebben. Inventariseer wat uw leveranciers en branchegenoten al doen en maak gezamenlijk een plan van aanpak.

Ik wens u veel succes met uw due diligence traject

Wilt u hier meer over weten? Volg dan de workshop ‘Aan de slag met IMVO Risicomanagement’

Voor financiële ondersteuning: MVO Nederland geeft IMVO vouchers uit, zie MVO Nederland

In gesprek met Tony’s Chocolonely

Geld verdienen met duurzaamheid kan. Dat bewijst bijvoorbeeld Tony’s. Met hun heerlijke, slaafvrije chocolade veroveren ze de Nederlandse markt. Al is geld verdienen niet het doel, daarover later meer.

De afgelopen 2 weken had ik het genoegen met 2 Tony coryfeeën kennis te maken: Henk Jan van de Belt bij de ledendag van Innofood en, meer persoonlijk, Henk Veldman tijdens een inspirerende sessie vanuit mijn opleiding bij Nyenrode. Daar mochten we hem het hemd van het lijf vragen. In deze ‘In gesprek met..’ fragmenten uit beide bijeenkomsten:

Wat is jullie werkwijze in het streven naar slaafvrije chocolade?

We werken alleen samen met coöperaties van chocoladeboeren. Zo heb je controle over met wie je zaken doet. Boeren krijgen in de huidige markt geen eerlijke prijs en leven daardoor vaak in armoede. En vanuit armoede komt vaak kinderarbeid voort en in de ergste gevallen moderne slavernij. Tony’s Chocolonely betaalt de coöperaties een extra premium bovenop de inkoopprijs en bovenop de FairTrade bijdrage. Met die extra premium komen de boeren wel op een leefbaar inkomen.

Jullie werken alleen samen met coöperaties, terwijl het probleem van moderne slavernij/ kinderarbeid meer ligt bij de kleine, alleen werkende boeren. Waarom is dat?

Om slaafvrije chocolade te maken moet je eerst werken met boeren die het goed doen. We gaan komend jaar wel een pilot opzetten met kleinere boeren: door die meer te betalen hoeven ze hun kinderen niet op de plantages te laten werken.

Hoeveel van de consumenten eet jullie chocolade vanuit jullie missie ‘op weg naar slaafvrije chocolade’?

We proberen onze missie zoveel mogelijk uit te dragen. We maken bv geen reclame voor verkoop van onze reep, maar we dragen bij uitingen steeds onze missie uit. Daarnaast is ook de indeling van de reep zelf een verwijzing naar onze missie: een ongelijke verdeling van de opbrengsten van chocolade. Ongeveer 60% van onze consumenten kent onze missie. Naarmate we groeien zal dat misschien minder worden, maar hoe groter we worden hoe meer impact we hebben.

Is jullie chocolade op dit moment 100% slaafvrij?

Dit is nog steeds moeilijk te bewijzen. Sinds dit jaar is de keten volledig traceerbaar door de aanschaf van een aparte silo voor cacaoboter bij onze chocolade producent. De garantie voor volledig slaafvrij komt daarmee weer een stukje dichterbij.

Teun van de Keuken, de initiatiefnemer van Tony’s Chocolonely,  is in de media nogal kritisch op jullie resultaat van jullie missie. Heeft hij gelijk en hoe gaan jullie hiermee om?

Teun zet vraagtekens bij de impact die we hebben op de hele chocolade keten. Die is nog gering, de industrie volgt ons initiatief nog nauwelijks.
Onze eerste focus lag op ‘creating awareness’: weet iedereen dat voor de chocolade die ze eten slaven zijn gebruikt? Daarna op ‘Lead by Example’: geef het goede voorbeeld. Onze 3e pilaar ‘Inspire to act’ gaan we nu serieus oppakken.

Hoe inspireren jullie de rest van de industrie om mee te gaan met jullie missie?

De beste manier is om te laten zien dat de consument warm loopt voor slaafvrije chocolade. Dus onze groeicijfers zijn zo een inspiratie voor de markt. Daarnaast dragen we onze 5 principes uit voor slaafvrije inkoop. (zie hier de 5 principes van Tony’s)

Wat is hierbij het streven? Dat ze jullie systeem gaan gebruiken? Is een premium betalen niet een heel kunstmatige oplossing die alleen maar kan bij kleinschaligheid?

Iedereen moet hier zijn eigen weg in vinden. Ons doel is de markt te inspireren door het goede voorbeeld te geven en te laten zien dat slaafvrije chocolade mogelijk is. Wat veel bedrijven nu doen is de boeren trainen. Onze ervaring is dat dat niet helpt: ze weten wel wat ze moeten doen, maar hebben de middelen er niet voor.

Zijn de andere ingrediënten die jullie gebruiken ook duurzaam?

We focussen op onze chocolade, dat is onze missie. De rest van de ingrediënten moet wel aan bepaalde minimum vereisten voldoen zoals slaafvrij en FairTrade.

Er wordt jullie wel verweten te commercieel te zijn, wat is daarop jullie reactie?

Wanneer je impact wil hebben, heb je een bepaald volume nodig. We hebben dan ook het streven om te groeien. Hoe meer chocolade we afzetten, hoe meer boeren we kunnen helpen. Geld verdienen is daarbij dan ook niet het streven, wel onze impact vergroten.

Top 5 stappen in duurzaamheid levensmiddelenindustrie

‘Wij hebben alle verlichting vervangen door LED’, ‘Wij printen nu veel minder’ en ‘we hebben een certificaat op onze cacao’. Dit zijn vaak de eerste stappen bij bedrijven die beginnen met duurzaamheid. Maar hebben ze daarmee de echte impact te pakken? Of zijn dat gewoon de meest voor de hand liggende en makkelijke stappen?

Voor beter inzicht heb ik de Top 5 stappen in duurzaamheid voor de  levensmiddelenindustrie vastgesteld. Zie hier waar je  écht de meeste impact mee kunt bereiken:

1 Voorkomen van food waste

De 1e stap is voorkomen van food waste. Misschien niet direct de eerste gedachte bij klimaatverandering, maar eten en drinken zorgt voor 20 tot 30 procent van onze klimaatbelasting. En 30% van alle voeding wordt verspild. Vooral door de consument thuis, maar ook in de levensmiddelenindustrie. Voor een groot deel bij de verwerking, namelijk 18%:

- Landbouw/ productie: 9%
- Verwerking (levensmiddelenindustrie) 18%
- Transport 3%
- Distributie (supermarkt, horeca): 11%
- Huishoudens: 51%

Bron: Voedselverspilling, de voedseluitdaging eXKi januari 2016

Een groot deel hiervan komt door strenge normen op uiterlijk, terwijl de grondstoffen verder goed zijn.

Ook te grote voorraden spelen een grote rol: bij wijziging van de productieplanning gaan de grondstoffen over de THT. Door langere opslag worden de grondstoffen ook eerder aangetast, bv door vocht of ongedierte.

Hoewel meestal niet tot food waste gerekend, is ook het weggooien van niet eetbare reststromen verspilling: deze kunnen elders ingezet worden, vaak ook in de levensmiddelenindustrie. Zo kunnen niet eetbare plantenresten omgezet worden in cellulose-toevoegingen.

Op de verspilling thuis kan de industrie ook veel impact hebben. Door bv. het verlengen van de THT datum, goed doordachte verpakking (bescherming, hersluitbaar en goed leeg te maken) en tips voor verwerken van restjes.

Lees “Top 5 stappen in duurzaamheid levensmiddelenindustrie” verder